Posts tonen met het label Brief. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Brief. Alle posts tonen

zondag 25 januari 2009

Wat ging er door je hoofd?

Wat ging er door je hoofd toen je twee messen en een bijltje in je rugzak stopte. Wat ging er door je hoofd toen je met je fiets vertrok naar het Fabeltjesland. Wat ging er in je hoofd toen je binnenstapte in het kinderdagverblijf. Wat ging er door je hoofd toen je het eerste kindje doorboordje met je mes en toen iedereen rondom je begon te schreeuwen. Wat een hels geluid moet dat zijn geweest. Kinderen die om hun leven huilen, schreeuwen. Ik begrijp het niet. Hoe kon je? Hoe kon je zoiets doen? Wou je alle kinderen in de wereld vermoorden? Had je zelf zo’n verschrikkelijk leven dat je andere kinderen van die pijn wou sparen? Had je net een meisje zwanger gemaakt die abortus heeft laten doen of die een miskraam kreeg? Of was er gewoon iets in je geknakt, iets, iets dat niet uit te leggen is? Je wou gewoon moorden? Hoe kon je zoiets doen? Niets ter wereld geeft jouw het recht dit gedaan te hebben! Niets! De hele wereld is boos op je, de hele wereld haat je! Ik haat je! Je hebt levens ontnomen, levens die nog niet eens gestart waren. En jij lacht er mee. Jij wou 10-tallen baby’s vermoorden en jij kan alleen nog maar lachen. Ben je gek of zo? Zeg het me! Ben je gek? Ja, je bent gek! En jouw gekheid heeft drie mensen het leven gekocht en 10-tallen, 100-tallen het leven verpest! Ik haat je, zeg ik je, ik haat je! Ik haat je zo fucking veel! Jij doet woede in me opborrelen. Jij, jij… ik wou dat ik je kon slaan! Ik zou je slaan! Ik zou spugen in je gezicht! Ik zou… ik hoop voor jou dat je niet meer op vrije voeten komt, want mensen zullen je vermoorden.
Ik wil niet boos zijn. Is dit wat God van me verwacht, dat ik kwaad ben! Ik kan je niet vergeven voor wat je ons hebt aangedaan, maar ik wil je vergeten, je opsluiten in mijn vergetendheid. En ik wil rouwen met alle andere mensen, ik wil klaar staan voor hen die mij nodig hebben. Ik wil bidden voor de families die nu zoveel pijn lijden. Maar elke keer als ik bid, kom jij in mijn gedachten en lukt het me niet meer om je te verbannen en moet ik ook voor jou bidden. Maar ik wil niet voor jou bidden! Ik weet niet eens wat te bidden! Ik kan enkel bidden dat je zult boeten, maar zo mag ik niet bidden. Ik leg mijn hoofd neer, ik ga slapen. Ik bid voor de families... ik bid voor jou… Maar ik blijf me afvragen ‘wat ging er door je hoofd?’ Hoe kon je?

maandag 15 september 2008

Lieve Turan


Mijn allerliefste Turan,
Wat wij samen hadden is nu voorbij, het had niet langer mogen zijn. Ik was je oppasser, jij was mijn oppaskindje.
Hoelang ben ik nu niet bij jou geweest? Het was rond je 3e verjaardag, nu ben je 5 en een half. Veel babysitters heb je zien komen en gaan, maar wij zijn toch het langste samen geweest. En daardoor was ik ook je lieveling, maar jij ook die van mij. Dat ben je altijd geweest en zal je altijd zijn.
Weet je nog die eerste keer? Ik had nog nooit zo’n stil jongentje gezien. Na een halfjaar was ik bang dat je nooit iets ging zeggen. Je bent een heel intelligent en zelfstandig knulletje, maar praten was gewoon niet jou ding. Toen toch niet, want eenmaal je doorhad hoe je je tong moest gebruiken, rolden de woorden uit je mond. Je was ontdeugend, maar toch was je niet stout. Ok, we hebben toch wel onze dingen meegemaakt. Zoals die eerste keer dat ik bij je kwam. Babysitten was toen nog heel nieuw voor mij, dus ik kende de kneepjes van het vak nog niet. En jij wou me toch even uittesten. Huilen dat je deed toen ik je luier ververste en je in bed moest, niet normaal. Het was alsof je de dood tegemoet moest. Ik wist niet wat ik moest doen. Ik weet nog dat ik in paniek mijn moeder opbelde. Ze zei dat ik gewoon moest volharden, dat deed ik ook. En sinds die keer heb ik nooit meer problemen gehad om je in bed te steken. Behalve dan laatst nog maar, die avond had ik ontzettend veel problemen met je. Het was meer dan een maand geleden dat je me gezien had, dus je wou me zeker opnieuw uittesten, ik weet het niet. Je was al meteen stout toen je papa de deur uit was. Ik plaatste je in de hoek, maar vanaf je er weer uit mocht, begon hetzelfde liedje. En toen je in bed moest, bleef je de tijd rekken (pipi doen, kaka doen, dorst, …). Zelf toen ik al terug beneden was, bleef je me roepen. Uiteindelijk viel je in slaap, voor een uurtje toch. Want dan opeens hoorde ik je huilen. Ik dacht dat je terug een nachtmerrie had, dat had je wel vaker. Maar vanaf dan, het was toen ongeveer 22u, wou je niet meer slapen. Je bleef me roepen, ook al negeerde ik je. Om kwart voor 11 ging ik toch nog eens kijken wat er nu aan de hand was. Eindelijk bracht ik je tot rust toen ik zei dat ik zou zeggen tegen je mama dat ze je nog een kus moest komen geven als ze thuis was. Maar jij was sneller. Je mama kwam een kwartiertje later thuis. Ik vertelde dat je niet zo flink was. En opeens stond je daar, aan de deur. Het vervolg weet ik niet echt, want ik moest toen naar huis. Gelukkig was je de volgende keer weer helemaal braaf. Nog liever dan anders zelf, want je was meer knuffelbaarachtig , daar genoot ik van. Een teken van liefde. Wat hebben we mooie momenten meegemaakt.
Lieve Turan, wat mis ik je al. Ik mis het spelletje dat wij tweetjes speelden toen je in bed moest, ik mis het dat je me elke keer vroeg of we naar de kermis gingen (want sinds die keer dat we dat gedaan hadden, vroeg je het me elke keer opnieuw), ik mis je knuffels, ik mis je ondeugendheden, ik mis je obsessie voor films die helemaal mijn smaak niet waren (zoals Jaws, Jurassic Park, King Kong, …), ik mis jou. Je was een schatje, Turan! Ik kom je nog wel eens bezoeken. Wees maar braaf tegen je andere babysitters en tegen je mama en papa, maar vergeet mij nooit.
Liefs,
M.

woensdag 13 augustus 2008

Katrien 16/07

Liefste Katrien,
Wat is er toch gebeurd? Waarom ging je nu plots weg?
Ok, je was ziek, maar niet zo ziek, niet zo ziek dat je zou sterven. Of dat dacht ik toch, maar ik was verkeerd. Het leek zo plots, zo ineens.
Ik was in Bosnië, niets verwachtende, en opeens las ik dat mailtje, dat alles veranderde. Je was gestorven, nog zelf toen ik nog in Nederland was. Maar niemand heeft het me laten weten. Ik ben niet boos op hen, misschien een beetje teleurgesteld, maar ik begrijp ze. Ze wilden mijn vakantie niet verpesten. Maar nu heb ik het op een vervelende manier moeten te weten komen. Ik zat daar, in het internetcafé in Bosnië en opeens las ik een mailtje i.v.m. de regelingen voor je begrafenis. Het eerste wat ik las van je dood was ‘ik durf jullie bijna niet onder ogen komen, omdat ik niet op de begrafenis van Katrien was’. Slam, een slag in mijn gezicht. Ik heb voor je gehuild, Katrien. Ik voelde me zo alleen. Ik was boos dat ik niet op je begrafenis kon zijn. En ik voelde me ver weg van thuis.
Ik snap het niet, je was toch niet zo ziek? Ik dacht dat je er terug bovenop ging komen. Je was nog maar 18, bijna 19, nog geen jaar ouder dan ik.
En ik had je nog net laten weten dat ik je eens ging komen opzoeken, samen met Fien. Weet je nog? Maar dat gaat nu niet meer.
Ik denk nog elke dag aan je. Katrien, je was een lieve meid. Je hebt niet het leven gehad dat je verdiende. En ik hoop dat iedereen die je niet behandeld heeft zoals ze je moesten behandeld nu heel erg geschrokken zijn. Dat ze nu zullen nadenken over het verdriet en onrecht die ze veroorzaakt hebben in jouw leven en dat ze zullen nadenken wat ze nu willen in hun eigen leven. Ik hoop dat ze hun gedrag zullen veranderen en zullen nadenken voor ze iets doen of zeggen.
Lieve Katrien, ik zal je nooit vergeten.
Ik dank je, voor de tijd die we samen gehad hebben.
Ik hou van je,
Liefs Magali